-->
  • Alles
  • Over
  • Contact
Dit zijn alle posts in de categorie 'cabaret'!
Posts tonen met het label cabaret. Alle posts tonen

woensdag 25 mei 2016

Martijn Hillenius en de vijftien bezoekers


Martijn Hillenius De man in bonus
'Voor het Prodent-gevoel'.
In het echt is het best een knappe jongen, hoor.

Martijn, vroeger zong hij bij Kinderen voor Kinderen, nu schrijft hij voor Spijkers met Koppen, maakt hij films en staat hij als cabaretier in het theater. Voor vijftien man in ons geval, zestien met hem erbij gerekend. ‘Ja, dit was wel een dieptepunt,’ zegt hij lachend. Meteen aan het begin van de voorstelling loopt hij het zaaltje in en geeft iedereen persoonlijk een hand. ‘Dit kan ik waarschijnlijk nooit meer doen.’ Hij is Martijn Hillenius, hij ziet de dingen graag positief.

Vijftien man, ik tel ze als we met het groepje uitverkorenen door de Zwolse straatjes lopen. In de echte theaterzaal wordt verbouwd, dus zijn we op weg naar een geïmproviseerd theatertje in de Goudsteeg, een medewerker van Odeon voorop. Het geeft een grappige sfeer. Een klein sliertje mensen, het zou ook een familie-uitje kunnen zijn, of losse individuen die toevallig op hetzelfde stuk stoep wandelen. Vijftien man publiek is zo weinig dat het heel makkelijk een ongemakkelijke avond kan worden. Óf, zo bleek, een heel gezellige avond. En dat kwam niet in de laatste plaats door Martijn zelf.

Kijk, die voorstelling, die zit wel snor. Dat ik een stukje van De man in bonus zag bij Cabarestafette en toen in mijn eentje naar Zwolle ben gegaan om het totaal te bekijken, is niet voor niks. Het is geen stand-up, een beetje in de richting van toneel zelfs, met leuke, niet geforceerde grapjes, goed uitgevoerde typetjes en mooie liedjes. Maar dan ben je er nog niet. ‘Bij een volle zaal kan je een redelijke stabiele reactie verwachten, maar voor een klein groepje is het anders spelen.’ Zegt hij daar later zelf over.

En dat deed hij dus goed, dat anderse. Hij is geen stand-upper en houdt zich het liefst woordelijk aan zijn script, maar toch voelde het alsof hij speciaal voor ons aan het spelen was. Het handjesgeven aan het begin brak het ijs, daarna was het gewoon ontzettend gezellig. Z’n technicus merkte het verschil met andere avonden. ‘Af en toe zei je dingen net iets anders, met een andere intonatie, dat werkte goed.’ Toen hij na afloop het terras op kwam, staken mensen gemoedelijk hun hand op. Bijna schudde hij weer iedereen de hand. Het was toch een beetje ‘onze Martijn’ geworden.


donderdag 31 december 2015

'Een heel grappige dominee'

De oudejaarsconference bestaat meer dan vijftig jaar. De traditie begon met Wim Kan, vanavond is het de beurt aan Herman Finkers. Wat maakt deze conference zo speciaal?

Oudejaarsconference Wim Kan Youp van 't Hek Freek de Jonge Seth Gaaikema Herman Finkers Guido Weijers
Deze prachtige illustratie is gemaakt door Willemijn Rog.

Voor veel volwassenen is het gevoel van oudjaar onlosmakelijk verbonden met het kijken naar de oudejaarsconference. Terwijl ouders voor de tv op de bank zitten, liggen kinderen in bed en vragen zich af waarom er beneden zo hard gelachen wordt. Het heeft iets magisch. ,,De show van Wim Kan in 1973 heeft enorme indruk op me gemaakt,’’ vertelt Erik van Muiswinkel. ,,Ik was 12 en mocht voor het eerst opblijven.” 37 jaar later zou hij zelf voor het eerst met oudjaar op het podium staan.
In een zoektocht naar de oorsprong en het bijzondere van het fenomeen, ontdekte ik
waarom de oudejaarsconference zo typisch Nederlands is, wat er veranderd is, hoeveel invloed de conference kan hebben en waarom Ronald Goedemondt nooit in zijn eentje met oudjaar op de buis zal zijn.

Waarom de oudejaarsconference zo typisch Nederlands is

“Een oudejaarsconferencier is in zekere zin een heel grappige dominee”
Al meer dan een halve eeuw bestaat het verschijnsel. ‘Wat maakt de oudejaarsconference zo typisch?’ vraag ik Kathleen Warners. Warners is hoofd amusement bij de VARA en bepaalt zo al jaren welke cabaretier 31 december op televisie te zien is. ,,De conferencier bespreekt de actualiteit,” zegt ze, ,,hij laat lachen, blikt terug, en biedt troost. En er wordt vooruit gekeken, ‘oké we kunnen weer verder’.”

,,Hoewel er veel veranderd is in de loop der tijd, is er minstens één ding hetzelfde gebleven,” vertelt Peter Voskuil. Een paar jaar geleden schreef hij een boek over de geschiedenis van de oudejaarsconference. ,,Gebleven is de behoefte om op oudjaarsavond terug te kijken of het afgelopen jaar. Om daarover te mijmeren, erom te lachen en subtiel een spiegel voorgehouden te krijgen.’’ Het pas perfect bij onze calvinistische inslag. ,,Vroeger ging Nederland massaal naar de kerk op die avond. In zekere zin is de oudejaarsconferencier een heel grappige dominee.”

De conference is niet los te denken van de publieke omroep. ,,Nederland 1, ergens tussen zeven en twaalf, dat is the place to be,” zegt Erik van Muiswinkel. Eigenlijk is het zelfs niet los te denken van de VARA. ,,We hebben het gewoon geclaimd,” lacht Warners. En inderdaad, verreweg de meeste zijn door de VARA uitgezonden. Het was ook bij die omroep dat het allemaal begon.

Waarom oudjaar sinds 1954 nooit meer hetzelfde is

“6,5 miljoen kijkers, waarderingscijfer 8.8”
De allereerste oudejaarsconference werd 1954 uitgezonden op de radio. Wim Kan, überhaupt al de uitvinder van het genre cabaret, krijgt van de VARA een uur helemaal voor zich alleen. Wat praatjes en wat liedjes op oudjaarsavond, een nieuwe traditie is geboren.

In 1973 maakte hij in navolging van Seth Gaaikema de overstap naar televisie. Die show, ‘Zuinig over de drempel’, is de grote favoriet van Van Muiswinkel. ,,Ik was toen twaalf en mocht voor het eerst opblijven.” En ook Peter Voskuil zal het nooit meer vergeten, want Wim Kan was in topvorm en de conference een triompf. Er waren 6,5 miljoen kijkers en het waarderingscijfers was een gigantische 8,8. ,,Deze oudejaarsconference werd de blauwdruk voor alle volgende. Nederland zat middenin de oliecrisis en er leken donkere tijden aan te komen. In zijn algemeenheid geldt sowieso: hoe meer ellende in een jaar, hoe beter de oudejaarsconference.”

‘De Openbaring’ van Freek de Jonge in 1982 heeft het genre daarna een stap verder gebracht. De oudjaarsconference werd sneller en anders in beeld gebracht en het tempo van spelen ging enorm omhoog.” Later kwamen Youp van ’t Hek en Lebbis en Jansen, the rest is history.

Opvallend in het rijtje conferences van afgelopen jaren, zijn die van Erik van Muiswinkel en consorten. In 2010 en 2012 maakte hij een show samen met respectievelijk zeven en zes andere cabaretiers, waaronder Sanne Wallis de Vries, Niels van der Laan en Jeroen Woe. Dat idee kwam in overleg met Kathleen Warners. Van Muiswinkel: ,,Ik was absoluut niet bereid om het alleen te doen, ik was toen geen solocabaretier, ik had altijd met een ploegje gewerkt.” De nieuwe vorm bleek heel goed te werken en leidde tot positieve reacties. ,,Maar de kijkcijfers waren matig, nog geen twee miljoen. Het is toch ook een kwestie van namen.”

Hoe Kan het CDA laat verliezen en Youp Buckler vermoordt

“Wim Kan had een enorme hekel aan Dries van Agt”
 Toen Kan voor het eerst op tv was, waren er meteen 6,5 miljoen kijkers. Dat is gegroeid tot 7,4 miljoen op zijn top. ,,Vanaf toen zijn de kijkcijfers alleen maar gedaald,” zegt Voskuil. Hij wordt er een beetje weemoedig van. ,,Youp is tegenwoordig de enige die nog een echt meervoudig miljoenenpubliek weet te trekken, andere oudejaarsconferences trekken hooguit een miljoen of zelfs maar een paar honderdduizend kijkers.” Vroeger keek heel Nederland dezelfde conference, nu is genre verwaterd. ,,Wat er nu gezegd wordt is van veel minder importantie dan in de tijd van Wim, Freek en Youp”. Voskuil pleit dan ook voor een conferencier des vaderlands.

,,Dat nationale gevoel uit 1973 zal niet meer terugkomen,” beaamt Erik van Muiswinkel, ,,het hele land keek toen naar Wim Kan. Niemand vond hem te links of te rechts. Geen sprake van.” Toch blijft Van Muiswinkel wel optimistisch over het genre. ,,We zijn cultureel uiteen gevallen, maar de behoefte aan de oudejaarsconference zal altijd blijven.”

Ook Freek de Jonge voelt dat er iets veranderd is. ‘Waarom was het vroeger zo leuk?’ vraag ik. Hij antwoordt dat er toen door de exclusiviteit een bepaalde sfeer omheen ging. ,,Nou dat is inmiddels voorbij.” Op de vraag wat hij vindt van de recente shows van bijvoorbeeld Youp van ’t Hek, Theo Maassen en Erik van Muiswinkel, antwoordt hij enkel, ,,daar ga ik niets over zeggen”. Hij piekert er niet over om ooit nog zelf met oudjaar het podium om te stappen. ,,The magic is gone.”
Vroeger was het beter. Dat de conferencier toen enorme invloed had, bewijst Wim Kan in 1967. Kan had een enorme hekel aan CDA-politicus Dries van Agt en dat liet hij merken ook. Voskuil: ,,Hij heeft hem heel vilein de verkiezingen laten verliezen dat jaar.”

,,Youp over Buckler was natuurlijk ook onvergetelijk,” voegt Warners toe. In 1989 heeft Van ’t Hek in één avond zo de gek aan gestoken met drinkers van het alcoholvrije bier dat dat het einde betekende van Buckler, dat onderdeel van Heineken was. ,,Hoewel het het bedrijf miljoenen heeft gekost, heeft Freddy Heineken hartelijk moeten lachen om de oudejaarsconference,” vertelt Voskuil.
De invloed heeft ook een keerzijde. ,,Dieptepunt vind ik de dreigementen aan het adres van Youp van 't Hek in 1999,” zegt Voskuil. Er waren zoveel mensen die aangaven de uitzending te zullen verstoren, dat hij de conference niet live heeft kunnen doen. Ook nu komt het voor dat mensen niet zo blij zijn met een grapje. Nadat cabaretduo Van der Laan en Woe in de show van Erik van Muiswinkel in 2010 een sirtakilied over de hulp aan Griekenland zongen, vertaalde iemand de tekst in het Grieks en kregen ze ernstige bedreigingen.

Waarom Ronald Goedemondt de oudejaarsconference nooit zal doen

“Theo Maassen kostte heel veel moeite”
Zolang er geen conferencier des vaderlands is, zullen er soms meerdere conferences per jaar zijn. ‘Op basis van wat wordt gekozen wie die voor de VARA doet?’ vraag ik Kathleen Warners. ,,De conferencier moet het jaar behandelen én bij de VARA passen,’’ antwoordt ze, ,,het moet grappig zijn, maar het moet ook zeker inhoud hebben.”

Guido Weijers, die conferences op de commerciële zenders houdt, zal nooit bij de VARA uitgezonden worden. ,,Het is een wereld van verschil. Hij heeft ook wel inhoud, maar andere inhoud. Dat is meer stand up.’’ En ook André Manuel, voor wie ze enorme bewondering heeft, zal er niet te zien zijn. Te grof. ,,Als je hem in het theater ziet, weet je wat je kunt verwachten, maar je kunt het niet zomaar de ether opknallen. Dat is niet verantwoord. Er zit toch een VARA-keurmerk op.’’

Ook op een oudejaarsshow van Ronald Goedemondt hoef je niet te hopen. Niet omdat het bij de VARA is, maar omdat het over de actualiteit gaat. ,,Hij wil zoiets ook niet, dat is niet wat hij doet.” Warners heeft naar eigen zeggen nog nooit iemand gevraagd die het niet wilde. Al kostte Theo Maassen wel heel veel moeite. ,,Meerdere keren dacht hij dat hij er niet uitkwam, dat hij het niet kon.” Uiteindelijk is het gelukt en was Warners onder de indruk van het resultaat. ,,Hij zei dat hij het nooit meer wilde doen. Later vroeg ik hem, ‘als ik je over een paar jaar weer bel, neem je dan ten minste de telefoon op?’ Nou ja, dat deed hij dan wel.” Ze lacht.

Geen Guido, geen André, geen Ronald dus. Maar wie dan wel? Warners is terughoudend met haar antwoord, maar Van Muiswinkel hoeft niet lang na te denken. ,,Eigenlijk hoop ik gewoon wijzelf. Dan kunnen we bewijzen dat het een vorm is die erg levensvatbaar is. Een muzikale en afwisselde inhoudelijke oudejaarsconference, moet het worden.” Voskuil heeft zijn hoop gevestigd op Hans Teeuwen. ,,Hij is denk ik van de huidige generatie cabaretiers ook het meest relevant als het om maatschappelijke issues gaat.”

Maar eerst Herman Finkers

“Herman Finkers is denk ik in aanleg niet geschikt”
Peter Voskuil is erg benieuwd naar de conference van Finkers vanavond. ,,Je moet er als cabaretier wel geschikt voor zijn. Herman Finkers is dat denk ik in aanleg niet. Maar dat kan ook weer heel verfrissend zijn juist.”

Kathleen Warners kijkt er erg naar uit. ,,Herman Finkers maakt wel betrokken cabaret. Een oudejaarsconferencier moet de tijdgeest pakken, maar dat hoeft niet per se aan de hand van specifieke gebeurtenissen. Alle grote thema’s van het jaar zullen terugkomen, maar hij zal niet alles expliciet noemen.” 

Erik van Muiswinkel verwacht dat het heel mooi wordt, algemeen geldig en tijdloos. ,,Hij is natuurlijk een allergeestigste cabaretier, maar ook filosoof. Hij is wel de man die rust breng.” De uitzending vanavond zal helemaal live zijn. Om het gevoel van oudjaar te versterken.  

Dit artikel verscheen op 31 december 2015 in iets gewijzigde vorm in de Leeuwarder Courant en Dagblad van het Noorden.

Lees hier waar mijn fascinatie voor dit fenomeen vandaan komt:



zondag 27 december 2015

Niets zo mysterieus als oudejaarsavond

Episch was het, de eerste keer dat ik als net-op-kamers-wonende student in de supermarkt stond en tot het inzicht kwam dat ik dus gewoon schuddebuikjes kon kopen. Van die echte, met zo’n oranje dop. Die nieuwe woonplaats en eigen kamer met keuken en badkamer waren tot daaraan toe, maar toen ik het pak schuddebuikjes op de band zette, voelde ik me zelfstandiger dan ooit. Ik was grote mens.

Lotte luistert in bed naar gelach oudejaarsconference

Grote mensen doen grotemensendingen. Van sommige dingen wist ik het als kind al: dat is echt iets voor grote mensen. Daar had ik bewondering voor. Mijn moeder bijvoorbeeld, nam weleens een ijsje met de smaak pistache. Wat dat precies voor smaak was, wist ik niet, maar het was heel cool. Lang niet zo cool als mijn aardbei, maar ja, voor pistache moest je groot zijn.

Soms kwam ik ook tot stuitende ontdekkingen. Ik herinner mij een avond dat ik niet kon slapen. Met deken was te warm, zonder te koud. Ik had me al honderd keer omgedraaid en had zelfs geprobeerd of het op de grond misschien wel lukte. Nee dus. Uiteindelijk mocht ik nog even beneden komen. En nu komt het. Bleken mijn ouders dus midden in de nacht zonder mij op de bank televisie te kijken en bokkenpootjes te eten. MIDDEN IN DE NACHT! BOKKENPOOTJES ETEN! Ik wist helemaal niet dat grote mensen dat deden en voelde me heel bijzonder dat ik er even deel van uitmaakte.

Helemaal indrukwekkend was de keer dat ik een grotemensentruc leerde. Op doorreis naar Zuid-Frankrijk waren we in een hotel waar ze geen washandjes hadden. Super onhandig natuurlijk. ‘Maar,’ zei mijn vader, ‘dat is helemaal niet erg. Daar ga ik je een truc voor leren.’ Met zijn handen maakte hij een kommetje en spletshte zo het water in zijn gezicht. Hoe vet! Ik kon het meteen en ik kan het nog steeds.

Allemaal voorbeelden van grotemensendingen waar ik best wel een beetje van onder de indruk was. Maar niets was zo mysterieus als oudejaarsavond. Die avond, man, grotemenseriger kun je het niet krijgen. De hele dag was al raar, dat voelde je aan alles. We aten appelflappen en op straat hoorde je af en toe een rotje, aangestoken door stoere jongens. ’s Avonds als ik naar bed werd gebracht, legden we alvast de kleren klaar die ik om iets voor twaalven over mijn pyjama mocht aantrekken. Mijn ouders bleven gewoon helemaal wakker tot twaalf uur, iets waar ik mateloos onbegrip voor had. Ik moest gauw gaan slapen en dat mislukte natuurlijk volledig. Beneden hoorde ik mijn ouders en hun vrienden praten en lachen. Steeds heel hard lachen. En niet één keer, maar om de haverklap, met die van uitschieters naar boven. Ik luisterde naar hun geschater en was toen al gefascineerd door de oudejaarsconference. Daar wilde ik bij zijn! Maar ja, ik was nog lang geen grote mens.

31 december verscheen er van mijn hand een uitgebreid artikel over het fascinerende fenomeen van de oudejaarsconference in de Leeuwarder Courant en het Dagblad van het Noorden. 'De show van Wim Kan in 1973 heeft enorme indruk op me gemaakt. Ik was 12 en mocht voor het eerst opblijven.' vertelt bijvoorbeeld Erik van Muiswinkel. Lees het hier!


donderdag 19 november 2015

Om te janken zo mooi

top tien mooie kleinkunstliedjes
Eén keer - het was maar één keer dat ik de volstrekt zinloze discussie dacht te kunnen winnen. De discussie ging over het al dan niet lelijk zijn van het Nederlands en mijn lieftallige gesprekspartner sprak de zin ‘Maar bijvoorbeeld liedjes, die zijn toch gewoon niet mooi in het Nederlands?’. Nu ben ik absoluut niet het type dat mistroostig en hopeloos wordt in zulke situaties, laat staan kwaad of moordlustig, maar hier schrok ik wel van. Even staarde ik haar met open mond aan. Daarna herpakte ik mezelf, want ik realiseerde me dat radicaal domme uitspraken voortkomen uit onwetendheid. Dit was het moment dat ik dacht de discussie te kunnen winnen en wel met het volgende argument: ‘En de liedjes van Theo Nijland dan?’ Een korte maar oorverdovende stilte. ‘Theo wie?’ Tegen zoveel onwetendheid kon ik niet op.

Ik ging niet huilen. Ik verliet niet stampvoetend de kamer. Ik dacht niet ‘was ik maar dood’ (waarom zou ik dat nou denken?) en ik heb geen grootschalige campagne opgezet met knappe bekende mensen die in emotionele reclamespotjes oproepen tot het luisteren naar kleinkunst. Wel ging ik verder met mijn leven om af en toe als een volleerde guerrillastrijder vrienden te confronteren met mooie liedjes.

Van die mooie kleinkunstliedjes maakte ik een top tien. Die top tien is incompleet en subjectief. Sterker nog, ik ben het er zelfs niet mee eens. ‘Waarom staat het gehele oeuvre van Theo Nijland er niet?’ vraag ik mezelf bijvoorbeeld. ‘Waar is Wim Kan, Ramses Shaffy, Jacques Brel?’ ‘En Youp van ’t Hek, Brigitte Kaandorp, Herman Finkers?’ En ook: ‘Waar zijn al die jonge talenten zoals iedereen van Het Nieuwe Lied?’ ‘Nou?’ Zo kan ik nog wel even doorgaan, maar daar wordt het allemaal ook niet makkelijker van. Al die vragen bewijzen vooral dat het Nederlands zeker wél geschikt is voor liedjes en zeker niet lelijk. Mooi juist. Zo mooi. Om te janken zo mooi.

Nu een vraag: welk nummer zou er toch echt eigenlijk ook in de top tien gepropt moeten worden?

Ik schreef dit voor een website met allemaal top tienen. Maar dit is de mooiste top tien.
Ik schreef eerder een stukje over mooie en lelijke woorden in het Nederlands.


maandag 2 november 2015

Dit is een waarschuwing over Harteveld en Fretz



Zaterdag 31 oktober stonden de Gebroeders Harteveld en Fretz in theater Sneek. Vooraf vertelde Klaas mij via Facebook dat hij ze deze week in Meppel zou zien en vroeg of ik hem kon waarschuwen als het niks is en hij beter thuis zou kunnen blijven. ‘Zal ik doen.’ reageerde ik.


Klaas was er niet gerust op, bleek vanochtend uit zijn volgende reactie. Zonde. Daarom is deze post speciaal voor hem (maar ook voor jullie hoor).

Reactie Klaas op Gebroeders Harteveld en Fretz
Klik voor groter of klik hier.
Ha die Klaas,

Blijkbaar heb je er lucht van gekregen dat de voorstelling van de Gebroeders Harteveld en Fretz ‘minder gaat om lachen, gieren, brullen en meer om reflectie’. En reflectie is een vies woord. Nu vind ik dat wel meevallen – persoonlijk vind ik bijvoorbeeld ‘slufter’ veel viezer – maar ik kan me er iets bij voorstellen. Ik heb beloofd je te waarschuwen, dus daar ga ik. Ik zal proberen je een indruk te geven van wat voor soort voorstelling het is.

Een stelletje idealisten in een bunker, dat zijn Harteveld en Fretz. Vanuit die bunker en vanuit hun idealisme vertellen ze je hoe ze daar zo terecht zijn gekomen. Een belangrijk thema is dat ze bijna dertig zijn (= bijna zestig = bijna dood) en zich afvragen waar hun activisme is gebleven. Als je bijna dertig bent moet je sowieso naar de voorstelling, maar jonger (ik) of ouder (vrijwel iedereen die ik na afloop sprak) kan ook heel goed.

Het vertellen is inderdaad wel echt het belangrijkst. Je moet dus niet komen om te gieren en te brullen. Maar je moet wel komen (Je moet wel komen, Klaas!). Als het niet is voor het zo gemeende en eerlijke verhaal, dan toch zeker voor de mooie liedjes, die doen denken aan Kommil Foo en Acda en de Munnik. Tweestemmig, en begeleid door Marcel Harteveld op gitaar en door Laura Trompetter op slagwerk.

Ik geef toe, ‘cabaret’ is een beetje een problematische term, omdat het gebruikt wordt van gier-en-brul tot overdenking, maar ik wil je waarschuwen niet uit voorzorg thuis te blijven. Het woord ‘reflectie’ hoor je mij niet gebruiken en Harteveld en Fretz doen dat ook niet, dat beloof ik.

Veel plezier bij de eerlijke, muzikale voorstelling met humor en zelfspot donderdag. Laat je weten hoe het was en of je inderdaad beter niet thuis had kunnen blijven?

Groet!

Lotte

Update: aan het eind kwam alles goed, Lees hier alle reacties.

dinsdag 27 oktober 2015

Je bent niet grappiger, echt niet


Youp van 't Hek Komt Een Konijn Bij De Bakker
Zo werkt het dus niet

Graag zou ik deze column willen beginnen met een citaat van ELKE meester, juf, leraar en lerares. Een zin die ik als kind verschrikkelijk vond, omdat het samen met ‘daar is het gat van de deur’ tot de grootste klasclichés behoorde. Een zin waar ik vroeger de kriebels van kreeg, - nog steeds trouwens - maar waar ik de afgelopen jaren steeds meer begrip voor heb gekregen. Oké, dit is ‘m:
Welk gedeelte van ‘houd je mond’ begrijpen jullie niet?
Afschuwelijk vond ik het als een leraar dat zei, maar steeds vaker heb ik de neiging hem ook te gebruiken. Niet in de klas, maar in het theater. Er zijn klaarblijkelijk mensen die geen enkel gedeelte van ‘houd je mond’ begrijpen. Dat is niet eens alleen irritant, ook gewoon gênant.

Ik ben de afgelopen jaren bij veel cabaretvoorstellingen geweest in erg veel verschillende plaatsen. Het publiek in Arnhem is niet hetzelfde als in Hilversum en het publiek in Amsterdam niet hetzelfde als in Groningen, maar in elk publiek zit altijd in ieder geval één iemand die het principe van een voorstelling niet helemaal begrijpt. Mocht je twijfelen, het werkt doorgaans zo:
     Cabaretier: praat
     Publiek: houdt zijn mond of lacht
(Wanneer je je mond houdt en wanneer je lacht is niet helemaal random verdeeld, maar dat is alweer een stap verder. Voor nu is ‘je mond houden’ het belangrijkst.)

"Tegen hen zou ik willen zeggen: het hoeft niet, echt niet"

Klinkt voor de hand liggend? Mooi, dan is het nu wij tegen hen. Want er zijn toch nog twee categorieën mensen die het niet begrijpen.
  1. Zij die hardop antwoorden op retorische vragen en te enthousiast beamen. Dat is vooral gênant, omdat ik vaak de indruk heb dat ze het echt niet in de gaten hebben. Tegen hen zou ik willen zeggen: dat hoeft niet, echt niet.
  2. Zij die proberen bijdehand uit de hoek te komen. Dat is vooral irritant omdat ze de voorstelling verstoren. Tegen hen zou ik willen zeggen: Je bent niet grappiger dan die gast op het podium, echt niet. 
Nooit zeg ik tegen hen “Welk gedeelte van ‘houd je mond’ begrijp je precies niet?” Ik blijf altijd bang dat het opgevat wordt als een niet-retorische vraag of – nog erger – dat ik een bijdehand antwoord krijg.


zondag 11 oktober 2015

Gelukkig hebben we de foto's nog (2)

GASTPLOG VAN CAROLIEN BORGERS

In navolging van Yentl en de Boer maakte Carolien Borgers voor Humor heeft ook zijn leuke kanten een plog. Een plog, oftewel een verslag van haar dag in foto's, van 9 oktober, toen ik haar voorstelling zag in Arnhem.



Vandaag spelen we in het Posttheater in Arnhem, en dan mogen er jellybeans gekocht worden. Snowy ones, want het is bijna winter.

Indiase curry Plog Carolien Borgers

Het was een impulsaankoop want eigenlijk kocht ik dit in de supermarkt, althans, de ingrediënten voor dit. Dit maakte ik van de ingrediënten; eten voor de jongens en voor mezelf voor vanavond. Indiase curry, i didn’t know i had it in me.

Narcos Plog Carolien Borgers

Voordat we naar het theater gaan rijden mag ik nog even de laatste aflevering van Narcos kijken. Spannend!!! En ik spreek na 10 afleveringen vloeiend Spaans. Althans, dat denk ik.

Ocker Gevaerts op de fiets Plog Carolien Borgers

Kijk, daar komt Ocker aangereden, ik zit hier al in de auto.

Ocker Gevaerts op de fiets Plog Carolien Borgers

Hier gaat hij zijn fiets parkeren. Bij de bovenburen is een meisje geboren.

Ocker Gevaerts op de fiets Plog Carolien Borgers

Het duurt lang. Maar hier is hij bijna zijn slot op de fiets aan het doen. Dat moet ook, want ik woon in een gevaarlijke buurt.

Op weg Carolien Borgers Plog

Het is een prachtige dag om naar Arnhem te rijden.

File Carolien Borgers Plog

Oh nee. Er staat file. Er dachten meer mensen: “het is een prachtige dag om naar Arnhem te rijden”.

File Carolien Borgers Plog

Ocker en ik hebben een hekel aan file. Verdwijn file, verdwijn!

Arjan de technicus Carolien Borgers Plog

In het theater staat Arjan de technicus al op ons te wachten. De technicus is niet zijn echte achternaam, maar zo noemen we hem wel altijd. Hij is een lampjes- en geluidskoning.

Decor Carolien Borgers Plog

Dit hangt hij elke keer op; het decor.

Ocker Gevaerts speelt in Carolien Borgers Plog

Ocker speelt alvast even zijn vingers warm, ik zit hier achter het keyboard dus nu krijgen jullie een heel goed beeld van mijn uitzicht tijdens de show. Die lamp voor mn neus staat soms aan, dan zie ik Ocker niet.

Ocker Gevaerts en Arjan de technicus Carolien Borgers Plog

Hier laten Ocker en Arjan elkaar filmpjes zien. Dit keer was het van de beste Voice auditie ooit, door Jennie Lena. Ocker heeft hier duidelijk meer armbandjes om dan Arjan.

Muis Carolien Borgers Plog

Ik vind het zielig voor deze muis met identiteitsproblemen.

Sjoelen Carolien Borgers Plog

Na het eten begonnen we aan het leukste deel van de avond; er stond een sjoelbak!!!!!!!!!!!!1111!!!!

Sjoelen Carolien Borgers Plog

We hebben gesjoeld tot vlak voor de show omdat we er HE-LE-MAAL inzaten. Schijfjes in hokjes schuiven; mij kan je niet gelukkiger maken.

Sjoelen Carolien Borgers Plog

Ook de puntentelling bijhouden vind ik heel erg leuk.

Sjoelen Carolien Borgers Plog

Oh man wat gingen we erin op. We vergaten bijna dat we nog een show moesten spelen.

Sjoelen Carolien Borgers Plog

Het was een nek aan nek race, zo spannend.

Sjoelen Carolien Borgers Plog

Uiteindelijk won Arjan de technicus, maar wij speelden die avond een heel fijne show in Arnhem. En dat mag ook gezegd worden. Vol van de show en het sjoelen reden we naar huis. Naar ons bedje. Voor de dag erna weer een dag vol spanning en sensatie.

Ik schreef ook een stukje over de voorstelling. Dat is hier. Hier vind je de plog van Yentl en de Boer.

Carolien zie je graag. Zeker weten.

“Je hebt op twee dingen invloed. Op wat je eet en op de rest.” Dat was de lijfspreuk van haar vader, vertelde Carolien Borgers. Ik zag haar voorstelling ‘Zeker weten’ vrijdagavond samen met een vriendin in het Posttheater in Arnhem.  Een voorstelling over maakbaarheid. Want. Alles. Is. Maak. Baar. Of toch niet? 

Het meest typerende aan deze voorstelling is, nou ja, Carolien Borgers. Met haar fantastische bos krullen staat ze stralend op het podium. Het is eigenlijk onmogelijk níet naar haar te kijken en dat is heus niet alleen omdat ze in de spotlight staat. Ze straalt, haar houding is open, haar ogen spreken.
Ik luisterde graag naar haar, hoe ze daar stond en vertelde, met kleine grapjes tussendoor. Het is absoluut in die volgorde. Ze vertelt een verhaal met grapjes, geen verhaal rond de grap. Voor het decor van enorme meccano-onderdelen, vertelt ze hoe haar van jongs af aan is geleerd dat alles maakbaar is en hoe ze daar krampachtig aan vast probeert te houden. Iets dat best lastig is als je relatie uit gaat en je vader kanker krijgt. Ik schrok van wat er gebeurde op het moment dat ze de controle dreigde te verliezen.

In de tweede helft van de voorstelling komt de gitarist Ocker Gevaerts erbij, met een al net zo fantastische bos krullen. Met hem op de gitaar en haar op de piano én met Caroliens dijk van een stem, begint het beste gedeelte van de voorstelling. Iedereen die ik na afloop sprak, begon er meteen over. “Die liedjes kwamen echt binnen, ja, ik was meerdere keren behoorlijk geëmotioneerd.” “Dat nummer met die stamp en die klap, dat was echt indrukwekkend.”

Na afloop waren er – niet verwonderlijk – veel mensen die haar cd wilden hebben. En anders kwamen ze wel een praatje maken of wilden ze met de stralende Carolien op de foto. (Er waren overigens ook twee vrouwen die met ons op de foto wilden, maar dat was gewoon vreemd.) Carolien hoor je graag vertellen en zie je graag staan. Dat ze ondertussen ook nog grapjes maakt, is heel mooi meegenomen. Zeker weten.

Dat zien van Carolien kan ook uitstekend op foto’s. Voor Humor heeft ook zijn leuke kanten maakte ze een plog van vrijdag. Die vind je hier!


vrijdag 2 oktober 2015

Henry van Loon | Ongrijpbaar als de bonnetjesprikker

Henry van Loon heeft heel veel spullen. Behalve een schuur, maar die komt er wel. Zo. Dat heb ik in ieder geval onthouden van woensdagavond, toen ik Henry van Loon met zijn voorstelling ‘Sluimer’ zag, in theater Achterom in Hilversum. Leuk istie. En ongrijpbaar.

Waar gaat dit nou heen? Geen idee. Als je even denkt dat je het in de gaten hebt, moet je heel hard lachen en is het weer weg. De grappen komen snel, onverwachts en laten je soms achter in ontgoocheling die ik ken van Wim Helsen. Dat je de ene seconde denkt, ‘hahaha’ (ik noem maar een voorbeeld) en de volgende seconde ‘huh wat?’ (nog zo’n intelligente gedachtegang). Zit er nou een verhaal in? Soms dacht ik van niet, aan het einde toch weer wel.

Zijn schuchtere oogopslag, zijn manier van praten, zijn blik soms naar de grond, het creëert een eigenaardige ongemakkelijkheid. Is hij echt een beetje zenuwachtig? Is hij echt zijn tekst even kwijt en een beetje onhandig, of is het schijn? Details wijzen op het laatste. Want zoals een bezoeker na afloop terecht opmerkte: ‘De kleinste details zijn perfect. Hij heeft precies het goeie loopje, knikje en oogbeweginkje.’ Bovendien reageert hij heel ad rem op de dingen die in het publiek gebeuren. Wanneer een man na twee minuten de zaal uitgaat, blijft dat de rest van de avond een thema. En ook de rondgaande smintjes ontgaan zijn blik niet.

Henry van Loon
Precies die blik.
Zijn humor is tamelijk absurd, maar heel anders dan bijvoorbeeld Wim Helsen of Ronald Goedemondt. Het is harder en directer. Een van de mensen die ik na afloop sprak, had onvermijdelijke associaties met Hans Teeuwen, een ander juist met Ronald Snijders. 

Toen ik in de trein terug aantekeningen maakte, pende ik eerst alleen maar vragen neer: waar gaat het heen? Meent hij dit nou? Zit er een verhaal in? Is hij echt een beetje ongemakkelijk? ‘ Ongrijpbaar. ’ schreef ik toen. ‘Net als de bonnetjesprikker’.

En als je nu denkt ‘huh wat?’, dan ga je maar kijken. Hup!

woensdag 9 september 2015

Al 32%, nog 21 dagen

UPDATE 29 september 10:46: 100%! Nog 39 uur te gaan. 'Ik voel me enorm gesteund (want ik ben ook gesteund natuurlijk),' schrijft Peter op de website.
UPDATE 11 december: De cd is er! Luister 'm op Spotify of koop 'm gewoon!

Peter van Rooijen wil zijn eerste album uitbrengen. Met voordekunst probeert hij dat door middel van crowdfunding voor elkaar te krijgen. Sinds ik mijn bijdrage heb geleverd, betrap ik mezelf erop iedere dag de website van voordekunst te checken om te zien of het al opschiet. Al 32%, nog 21 dagen te gaan.

Peter van Rooijen door Joost de Haas
Beeld door Joost de Haas. Ja, dat zijn echte kakkerlakken.
Peter van Rooijen is een cabaretier en singer-songwriter, bijvoorbeeld bekend van Circus Treurdier of Het Nieuwe Lied. In de loop der jaren heeft hij een hoop mooie Nederlandstalige liedjes geschreven die hij nu wil uitbrengen op zijn debuutalbum. Via de website voordekunst.nl kun je met je bijdrage ervoor zorgen dat de cd er ook echt komt. Het systeem is leuk: in ruil voor je donatie krijg je iets terug. Een uitnodiging voor de cd-release, de cd en, als je erg vrijgevig bent, je hoofd op de albumhoes. Hier en hier het ultieme bewijs dat die plaat er moet komen, en hier een interviewtje:

“Je zou het eens moeten horen zoals ik het hoor”

Hoever ben je met het maken van de cd?
Ik zit in de eindfase van de muziekopnames en ik heb net m'n eerste volgorde gemaakt. Dat is leuk om te doen, je krijgt dan een idee van het karakter van het album. Maar het valt pas echt op z'n plek als alle zang- en koorpartijen erop staan.

Waarom moet die cd er komen?
Ik droom er al heel lang van om m'n liedjes te laten horen zoals ze voor mij klinken. Als ik een lied schrijf, dan hoor ik in m'n hoofd de band of het orkest mee spelen. Vervolgens doe ik dat lied in m'n eentje, zeggen mensen “Wat een mooi lied” en dan denk ik: “Je zou het eens moeten horen zoals ik het hoor.”

Kun je iets verklappen over de inhoud?
De cd gaat in stijlen van Tom Waits tot aan Chet Baker en van Steely Dan tot Paul Simon, en toch hoort het allemaal bij elkaar.

Heb je er vertrouwen in dat de teller over 21 dagen op 100% staat?
Ik denk dat er meer dan genoeg mensen zijn die plezier aan de cd kunnen beleven. Als die mensen me steunen, komt het absoluut in orde. Ik heb ook een prachtige bijdrage van het Ramses Shaffy Fonds gekregen, heel erg fijn! Maar ik blijf het spannend vinden, dus bij dezen: uw hulp is hartstikke welkom!

Wat is je Nederlandstalige lievelingsliedje?
Het is de ene dag “Mooi” van Maarten van Roozendaal, alle levenslust eruit spugen, zonder reserve, zonder zelfcensuur. En de andere dag is het de vertalingen van ‘Voir un ami pleurer’. Zo machteloos, zo eerlijk, de liefde en de liefdeloosheid tegelijk beschreven. Allebei ontzagwekkend mooi en groots.

Wat is je lievelingskleur?
Blauw.
Nee! AaaaaaARRRRG!!!



Klik hier om Peter te steunen.


donderdag 27 augustus 2015

Slechte gedichtendag


‘Het gat in de waterleiding was zo slecht gedicht, de hele kelder stond wit.’
Aldus Ronald Snijders, in de ochtendshow van Giel op 18 augustus. Die dag was het namelijk slechte gedichtendag! De dag is volledig aan me voorbijgegaan, wat uitermate zonde is, want ik heb er stapels van liggen. Een kleine inhaalslag: 

Een kwisfan die wegvloog uit Nantes / zat een maand met zijn hoofd in 't verband / omdat hij zich stootte / nadat de pilote / zei 'daar is de lopende band!'

een gewichtheffer zag in Terover / Goedemondts show, was betoverd / hij lachte zich slap / om haast iedere grap / nu heeft hij slechts buikspieren over

Hier op Facebook lees je nog twee andere.

Ander goed nieuws a: deze pagina is nu ook te bereiken op humorheeftookzijnleukekanten.nl
Ander goed nieuws b: het seizoen is weer begonnen, er zullen weer stukjes geschreven worden en ik heb er zin in. 


dinsdag 16 juni 2015

Joost de Haas maakte de poster voor Van der Laan en Woe


Poster Van der Laan en Woe Alles Eromheen Joost de Haas ontwerper poster Van der Laan en Woe

Joost de Haas maakte de poster voor ‘Alles Eromheen’ van Van der Laan en Woe. Sinds 21 april hangt ook deze op mijn kamer en ik kijk er graag naar. Volgens mij krijgen posters en hun makers veel minder aandacht dan ze verdienen, dus ik belde Joost met wat vragen.

'Het concept van de voorstelling heb ik proberen toe te passen op het medium poster.'

Hoe is het idee voor de poster ontstaan?
De voorstelling was nog niet gemaakt, maar de titel ‘Alles Eromheen’ was er al. Eerst heb ik met Niels en Jeroen (Niels van der Laan en Jeroen Woe, red.) zitten praten over de inhoud. Ze vertelden dat de voorstelling zou gaan over concentratie en afleiding, over hoe alles eromheen je soms afleidt van dat waar het om draait. Dat concept van de voorstelling heb ik proberen toe te passen op het medium poster. 

Eerst bedachten we om Niels en Jeroen vanuit de poster naar alles om zich heen te laten kijken, naar de andere posters die er hangen, naar de omgeving. Het idee was leuk, maar op de dag dat we de foto gingen maken, bleek het niet te werken. Het zag er vooral gewoon heel raar uit. Toen moesten we dus iets nieuws verzinnen en kwamen we op het idee om ze te laten kijken naar alles om de poster heen. Naar dat wat erachter ligt.

Hoe heb je ‘m gemaakt?
Op de fotodag hebben we een foto gemaakt waarin ze in die houding staan. Volgens mij hebben ze nog een papiertje vast om hun handen een beetje in de goede vorm te krijgen. De rest is allemaal nabewerking. Ik heb bijvoorbeeld een foto van een gescheurde poster gemaakt om dat effect erin te krijgen.

Hoe lang heb je erover gedaan?
We hebben een uur samen zitten praten en verder heb ik er zelf nog een tijdje over na gedacht. Daar ga ik niet speciaal voor zitten, de ideeën komen meestal onder de douche of zo. Toen de fotodag, en daarna nog de bewerking. Daar ben ik zo’n drie volle dagen mee bezig geweest, uitgespreid over twee weken.

Wat vind je belangrijk aan (cabaret)affiche?
Ik vind het vooral belangrijk dat het één idee is. Soms zie je posters die veel te veel proberen te vertellen, je kunt beter één idee hebben en dat helemaal uitvoeren. 


Dit interview is deel 3 in de serie van drie. Lees ook:


maandag 15 juni 2015

Yvonne Roos maakte de poster voor Wim Helsen


Poster Wim Helsen Spijtig spijtig spijtig Yvonne Roos Ontwerper poster Wim Helsen

Deze poster is bedacht en gemaakt door Yvonne Roos. Het is de enige poster die mij wel eens laat schrikken. Als ik op mijn balkon sta bijvoorbeeld, of als ik gewoon naar het behangetje staar. Ik sprak Yvonne over het affiche en een beetje over de voorstelling die erbij hoort.

‘Pas als je langer kijkt, zie je ineens de grimmigheid tussen de stoffige bloemen opduiken.’

Hoe ben je op het idee voor de poster gekomen?
Toen Wim en het impresariaat mij vroegen de poster te maken, moest de voorstelling nog worden geschreven. Wel ontving ik een tekst getiteld ‘Spijtig, spijtig, spijtig’ waarin Wim belooft alle problemen op te lossen. Ze wilden graag een affiche met jaren 70 sfeer en de foto van Wim was al gemaakt. Al schetsend kwam ik terecht bij de patronen die zo kenmerkend zijn voor de zeventiger jaren. En na een brainstorm met Wim heb ik hier meer inhoud aan gegeven door er allerlei verborgen gezichten in te monteren, zodat de achtergrond van het affiche weerspiegelt wat er in het hoofd van Wim om gaat. 'Het is niet wat het lijkt', dat gevoel. Het stoffige behangetje blijkt een hele andere lading te omvatten dan het in eerste instantie doet vermoeden. De gezichten zijn afkomstig van foto’s van waterspuwers die ik heb gemaakt tijdens vakanties.

Wat is de relatie van de poster tot de voorstelling?
Ik denk dat het affiche de lading van de voorstelling dekt als je bedenkt in wat voor monsterlijke situaties je jezelf kunt laten belanden, brrr. Ook herken ik in het affiche het nerveuze, achterdochtige aspect uit de voorstelling. De discussie die Wim met zichzelf voert op de wc. 'Is het wat het lijkt?' 'Of stel nou dat, en wat dan!?’ ‘Zijn ze te vertrouwen?’.

Wat vind je belangrijk aan een (cabaretaffiche)?
Een goed theater- of cabaretaffiche raakt je wanneer je er snel langs fietst. Dat is vaak al heel knap, gezien de hectiek op en langs de Nederlandse fietspaden, met name in Amsterdam. Als een cabaret- of theateraffiche je in een paar seconden een bepaald gevoel meegeeft of een vraag stelt, vind ik het een geslaagd ontwerp. Terwijl je je fietsrit vervolgt, blijft het beeld bij je hangen en eenmaal thuis of op je werk ga je op zoek naar informatie over de voorstelling. Het affiche dat ik heb gemaakt voor de voorstelling van Wim Helsen vraagt eigenlijk wel iets meer tijd dan een paar seconden. Pas als je langer kijkt, zie je ineens de grimmigheid tussen de stoffige bloemen opduiken.

Zie hier de website van Rooswerk.

Dit interview is deel 2 in een serie van drie. Lees ook:
- Een muur vol posters (de inleiding)
- Interview met Ruben Steeman, waarin hij vertelt hoe hij de poster voor ‘Zo Goed Als Nieuw’ van Pieter Derks bedacht en maakte.
- Interview met Joost de Haas, ontwerper van de poster voor ‘Alles Eromheen’, een voorstelling van Van der Laan en Woe.