-->
  • Alles
  • Over
  • Contact
Dit zijn alle posts in de categorie 'Peter van Rooijen'!
Posts tonen met het label Peter van Rooijen. Alle posts tonen

woensdag 5 december 2018

Liefde, dood en zwaartekracht

Het zal niet anders zijn dan dat Peter van Rooijen maandagavond overladen is met complimenten. Hij speelde zijn voorstelling ‘Liefde, dood en zwaartekracht’ in De Kleine Komedie in Amsterdam. Toch ga ook ik nog even iets schrijven. Niet omdat ik denk dat mijn mening belangrijker is dan die van zijn dierbaren, of van de recensenten, maar omdat ik vind dat het vaker gezegd moet. En ik het niet kan laten.

Oké, waar zal ik beginnen. Het was op zich geen verrassing voor me dat hij als tekstschrijver steengoed is. Hij heeft eerder een prachtige cd gemaakt en ik zie hem regelmatig bij Het Nieuwe Lied. Ik heb erg veel bewondering voor de zorgvuldigheid van zijn woorden. Ze zijn echt nooit cliché, nooit vergezocht en nooit pathetisch. Ze lijken bijna vanzelfsprekend, terwijl ze ondertussen heel nauwgezet een situatie, sfeer en gevoel neerzetten. Een meervoudige sfeer meestal. Liefdevol maar een beetje wrang, grappig maar een beetje tragisch. Zo is de zin ‘En het hondje likt het raam’ tegelijkertijd simpel en alleszeggend.

Gisteren las ik toevallig een artikel van Ellen Deckwitz waarin ze ingaat op het vaak verzuchte ‘waarom zeggen dichters niet gewoon wat ze bedoelen?’ Nee, zegt zij, dichters zeggen niet ‘gewoon’ wat ze bedoelen, omdat ze precíes zeggen wat ze bedoelen. Dat geldt ook voor Peters teksten.

Maar liedjes zijn niet alleen tekst. Liedjes zijn ook muziek. Daar heb ik minder vocabulair voor, behalve dan dat ze, nou ja, erg mooi zijn. Op een of andere manier krijgt hij het voor elkaar dat ze de tekst exact ondersteunen en aanvullen. Dat ze allemaal anders zijn, en precies kloppen.

Dat ik dit alles eigenlijk al wist, deed niet af aan mijn omvergeblazenheid van maandagavond. Dat komt door de vorm. In deze vorm, met deze arrangementen, deze band, en, niet te vergeten, dit lichtplan, krijgen de liedjes de volheid en nuance die ze verdienen. En de presentatie die Peter verdient.

Ik was deze blog een beetje vergeten, maar toen ik maandagavond thuis kwam zat mijn hoofd er zo vol van dat ik het als vanzelf opschreef. Het was even nodig.

Luister hier zijn cd op Spotify.

Foto: Jaap van Reedijk


vrijdag 1 juli 2016

'Eigenlijk hoef je hierna niks meer te schrijven'

1 juli 2013 overleed Maarten van Roozendaal. Hij liet een hele stapel liedjes na die nog steeds door velen worden geluisterd. Bewonderaars Eva Bauknecht, Maarten Ebbers, Ingmar Hetze, Niels van der Laan, Peter van Rooijen en Jeroen Woe spreken over zijn mooiste zinnen. ‘Maartens teksten zijn poëtisch, zonder dat ze in mooischrijverij vervallen en ze zijn gul en groots zonder dat ze pathetisch of potsierlijk worden.’

Maarten van Roozendaal Mooie Zinnen
Maarten van Roozendaal 1962 - 2013

‘Maarten is wat ons betreft met afstand de beste Nederlandse liedschrijver ooit.’ Beginnen cabaretiers Niels van der Laan en Jeroen Woe. ‘Hij heeft een enorme stapel liedjes die bijna zonder uitzondering zowel qua tekst als qua muziek onovertroffen zijn. Hij was de koning van de mensportretten, waarin hij met een paar kleine woordjes een heel mens kon scheppen. Zoals in het lied Judith, over Frans die op de camping een eenzijdige verliefdheid ervaart met de nieuwe campinggast Judith. In de eerste zinnen is het al raak’:

Het begon precies als ieder jaar: standplaats 1110
Een beetje scheef maar lekker dicht bij de toiletten
En Frans zet wel eventjes de caravan op z’n plek
De kinderen zijn al aan ’t zwemmen als Marijke thee gaat zetten

‘Door de eerste regel weet je al meteen met wie je te maken hebt: een stel dat niet van avontuur houdt. En al in de tweede regel leer je ze meteen goed kennen. Acht woordjes, maar je weet gelijk wat voor mensen het zijn. Je ziet het overleg voor je, je hoort de afwegingen om te kiezen voor een rechte plek óf voor een plek dichtbij de wc's en uiteindelijk zie je ze tevreden zijn met het gouden compromis. In de derde regel weet je door twee kleine woordjes wat voor man Frans is: “wel eventjes”. Daardoor weet je: Frans is een hele meneer. Of althans: dat vindt hij zelf. Die zet een caravan zonder moeite op de goeie plek. Zonder die twee woordjes was het gewoon een mededeling, nu is het een karakterschets.’

‘Ik vind Maarten vooral heel goed om dat wat er niet gezongen wordt. Om de beelden die hij oproept.’ Zegt cabaretier en liedschrijver Maarten Ebbers. ‘Bijvoorbeeld het nummer Graf waarin Maarten langzaam het beeld schets van een oude man die het graf van zijn overleden vrouw komt verzorgen. Hij biecht op dat hij een nieuwe vrouw heeft ontmoet en komt nu toestemming vragen om die “alleraardigste verschijning” te mogen begeleiden tijdens het veertigjarig huwelijksfeest van haar zoon’:

Wat ik jou nou wil vragen 
Is of het goed is dat ik volgende week woensdag dan op donderdag kom
En dan neem ik rozen voor je mee
En de woensdag erop kom ik gewoon weer op woensdag

Peter van Rooijen, net als Jeroen Woe en Maarten Ebbers als liedschrijver aangesloten bij Het Nieuwe Lied: ‘Maartens teksten zijn poëtisch, zonder dat ze in mooischrijverij vervallen en ze zijn gul en groots zonder dat ze pathetisch of potsierlijk worden. Er zijn zinnen die ontzettend slim geschreven zijn,’ zegt hij. Net als Niels van der Laan en Jeroen Woe noemt hij de eerste zinnen van Judith als voorbeeld. ‘Maar de zin die mij het meest raakt in al die liedjes van hem, komt uit Het lukt ook zonder jou, ergens halverwege het lied: “Je sterft met soortgelijk geweld als hoe je ooit in 't leven gleed.” Nadat ik die zin voor de eerste keer had gehoord, kon ik een tijdje niet bewegen. Alles was gezegd. Eigenlijk hoef je hierna niks meer te schrijven, dacht ik.’

Dichter Ingmar Heytze merkt op ‘dat veel memorabele zinnen van Van Roozendaal bijzinnen zijn, die sterk ironiserend werken.’ Hij geeft een voorbeeld uit Maaltijd: ‘Dat is helemaal niet erg, kleine moeite…’ ‘Maar het mooist vind ik toch: “Red mij niet”. Want in dat motto van drie woorden zit veel van wat Maarten van Roozendaal volgens mij voorstond, en wat volgens mij elke grote liedjesschrijver en -zanger, van Shaffy tot Brel, letterlijk voorstaat: laat me. Laat me dit doen, laat me leven zoals ik wil, en laat me met rust als je daar niet tegen kunt.’

Ook anderen halen Red mij niet aan. Maarten Ebbers: ‘Wat een fantastisch nummer en wat een zinnen!’ Van der Laan en Woe noemen het ‘misschien wel zijn allerbeste lied - en in onze ogen hét allerbeste Nederlandstalige lied. Een lied dat al jaren actueel is en misschien wel met de dag actueler wordt. Eigenlijk is elke zin in het lied mooi. Maar de eerste is misschien wel het raakst’:

Leg een steen onder je kussen
Brand van mijn part een kaars
Slacht een lam
Maar red mij niet

Maar dé mooiste zin? Dat is eigenlijk niet te beantwoorden, zegt ook geliefde en regisseur van Van Roozendaal Eva Bauknecht. ‘Het is een beetje zoals je een moeder zou vragen van welke van haar kinderen ze het meeste houdt. Ik ben vanaf het begin nauw betrokken bij Maartens werk geweest, en van elk lied weet ik nog hoe, wanneer en waarom hij het schreef. Natuurlijk zijn de liederen die Maarten voor mij heeft geschreven mij extra dierbaar, maar elk lied heeft voor mij zijn eigen schoonheid en kracht.’ ‘Echt kiezen is onmogelijk, daarvoor zijn er te veel mooie zinnen te vinden,’ beaamt Ingmar Heytze. Maarten Ebbers besluit zijn verhaal, na meer dan tien prachtige citaten: ‘Wat fantastisch dat hij zoveel heeft achtergelaten, maar ook zo jammer dat er niks nieuws meer van zijn hand zal komen.’


Joris van Meel en ik kennen elkaar niet, maar hebben elkaar vele mails gestuurd met het onderwerp: "Re: Maarten van Roozendaal". Het werd een gesprek tussen een rookie (ik) en een ervaren rot (hij, 36). 


woensdag 18 mei 2016

Ken je Theo?

Theo Zelf Even Niet Peter Van Rooijen Met Christy was ik bij de voorstelling van Peter van Rooijen in het Usva-theater. Ik ging er niet onbevooroordeeld heen. Ik ken Peter van Het Nieuwe Lied – nou ja, ik kén hem natuurlijk niet echt. (Dit is problematisch, schrijf ik ‘Van Rooijen’ klinkt dat oud en afstandelijk, schrijf ik ‘Peter’ suggereert dat dat we regelmatig samen een biertje drinken in een hippe kroeg in Amsterdam-Noord, quod – hoe helaas dan ook – non). Ik hem ‘ontdekt’ bij Het Nieuwe Lied en sindsdien verkeer ik in de compromisloze overtuiging dat hij een van de beste liedjesschrijvers van zijn generatie is. En met de beste baard.

Na afloop zochten we hem nog op. Christy zei dat ze het een leuke voorstelling vond, ik complimenteerde hem met zijn nieuwe cd. Peter zei dankjewel. Ik vertelde dat ik een paar weken daarvoor in De Kleine Komedie was geweest, bij de eenmalige voorstelling ‘Theo zelf even niet’. Daarin zongen verschillende artiesten (Wende Snijders, Paul de Munnik, Marcel de Groot) nummers van Theo Nijland, een van de beste liedjesschrijvers aller generaties, die zelf aan het herstellen was van een gescheurde aorta. Peter zong mijn lievelingsliedje en het was heel mooi.

‘Dat was een bijzondere avond hè?’ zei hij. ‘Ja, wow,  zei ik, ‘vooral toen hij tóch aanwezig bleek te zijn.’ De tot nog toe best stugge man glimlacht breed. ‘Dat was zo’n gaaf moment, Theo die-.’ Hij kijkt Christy aan. ‘Ken je Theo?’ ‘Nou niet echt, ja, Lotte heeft het wel eens over hem.’ Peter schetst de situatie. ‘Theo was bijna dood dus hij kon zelf even niet optreden. Daarom was er in De Kleine Komedie een soort verkapte benefiet waar allemaal andere zangers zijn liedjes zongen. Ze hadden gezegd dat Theo zelf niet aanwezig was, maar op een gegeven moment kwam hij toch het podium op.’ Ik herinner met het moment nog haarscherp. Zijn wankele tred, mijn blijdschap dat hij er was, de minutenlange staande ovatie die hij kreeg. Peter wendde zich weer tot mij. ‘Het was alsof er een dode was opgestaan. De mensen bleven maar klappen en Theo stond daar maar. Het was zo mooi, ik moest bijna huilen.’

Ik glimlachte. Ook ik had met tranen in mijn ogen staan klappen alsof zijn leven ervan afhing. Ik was niet de enige die had gevoeld dat het een bijzondere avond was.

’s Avonds in bed dacht ik terug aan het gesprek en lachte weer. Het was een kort gesprek, lichtelijk stroef soms, maar toch heb ik er nog heel vaak aan terug gedacht. Misschien omdat Peter mij begreep. Ik heb tientallen mensen over de avond in De Kleine Komedie verteld. Iedereen vond het leuk voor mij, niemand begreep het. ‘En dat was helemaal in Amsterdam?’ Ze waren er niet bij en hebben bovendien andere prioriteiten. Maar ik ben toch niet de enige. Er zijn deelgenoten.  Ik heb alleen de pech dat ik vrienden heb die nog nooit van Maarten van Roozendaal, Bram Vermeulen en laat staan Theo Nijland hebben gehoord. Dat is niet per se erg (oké, een beetje), maar dat Peter, zonder blikken of blozen, vanzelfsprekend enthousiast, zei dat hij bijna moest huilen en dat ik exact wist wat hij bedoelde, vergeet ik niet meer. En dat hoef ik aan niemand te vertellen, want dat snappen ze toch niet. Peter Wie?


woensdag 9 september 2015

Al 32%, nog 21 dagen

UPDATE 29 september 10:46: 100%! Nog 39 uur te gaan. 'Ik voel me enorm gesteund (want ik ben ook gesteund natuurlijk),' schrijft Peter op de website.
UPDATE 11 december: De cd is er! Luister 'm op Spotify of koop 'm gewoon!

Peter van Rooijen wil zijn eerste album uitbrengen. Met voordekunst probeert hij dat door middel van crowdfunding voor elkaar te krijgen. Sinds ik mijn bijdrage heb geleverd, betrap ik mezelf erop iedere dag de website van voordekunst te checken om te zien of het al opschiet. Al 32%, nog 21 dagen te gaan.

Peter van Rooijen door Joost de Haas
Beeld door Joost de Haas. Ja, dat zijn echte kakkerlakken.
Peter van Rooijen is een cabaretier en singer-songwriter, bijvoorbeeld bekend van Circus Treurdier of Het Nieuwe Lied. In de loop der jaren heeft hij een hoop mooie Nederlandstalige liedjes geschreven die hij nu wil uitbrengen op zijn debuutalbum. Via de website voordekunst.nl kun je met je bijdrage ervoor zorgen dat de cd er ook echt komt. Het systeem is leuk: in ruil voor je donatie krijg je iets terug. Een uitnodiging voor de cd-release, de cd en, als je erg vrijgevig bent, je hoofd op de albumhoes. Hier en hier het ultieme bewijs dat die plaat er moet komen, en hier een interviewtje:

“Je zou het eens moeten horen zoals ik het hoor”

Hoever ben je met het maken van de cd?
Ik zit in de eindfase van de muziekopnames en ik heb net m'n eerste volgorde gemaakt. Dat is leuk om te doen, je krijgt dan een idee van het karakter van het album. Maar het valt pas echt op z'n plek als alle zang- en koorpartijen erop staan.

Waarom moet die cd er komen?
Ik droom er al heel lang van om m'n liedjes te laten horen zoals ze voor mij klinken. Als ik een lied schrijf, dan hoor ik in m'n hoofd de band of het orkest mee spelen. Vervolgens doe ik dat lied in m'n eentje, zeggen mensen “Wat een mooi lied” en dan denk ik: “Je zou het eens moeten horen zoals ik het hoor.”

Kun je iets verklappen over de inhoud?
De cd gaat in stijlen van Tom Waits tot aan Chet Baker en van Steely Dan tot Paul Simon, en toch hoort het allemaal bij elkaar.

Heb je er vertrouwen in dat de teller over 21 dagen op 100% staat?
Ik denk dat er meer dan genoeg mensen zijn die plezier aan de cd kunnen beleven. Als die mensen me steunen, komt het absoluut in orde. Ik heb ook een prachtige bijdrage van het Ramses Shaffy Fonds gekregen, heel erg fijn! Maar ik blijf het spannend vinden, dus bij dezen: uw hulp is hartstikke welkom!

Wat is je Nederlandstalige lievelingsliedje?
Het is de ene dag “Mooi” van Maarten van Roozendaal, alle levenslust eruit spugen, zonder reserve, zonder zelfcensuur. En de andere dag is het de vertalingen van ‘Voir un ami pleurer’. Zo machteloos, zo eerlijk, de liefde en de liefdeloosheid tegelijk beschreven. Allebei ontzagwekkend mooi en groots.

Wat is je lievelingskleur?
Blauw.
Nee! AaaaaaARRRRG!!!



Klik hier om Peter te steunen.